![]() |
[Image: M.A.P. Accardo Filho] |
Het andere naamgevende ingrediënt was de kolanoot, de vrucht van een aantal soorten binnen het geslacht Cola (Cola acuminata en Cola nitida) die allemaal inheems in tropisch West-Afrika zijn. De Cola acuminata is een altijdgroene boom van maximaal 20 meter hoog. De soort heeft lange, ovaalvormige donkergroene bladeren met een leerachtige textuur. De boom bloeit met prachtige gele bloemen met paarse vlekken. Daarna ontstaat het fruit, waarin zich ongeveer een dozijn onregelmatig gevormde zaden verstoppen in een beschermende noot.
Voordat de kolanoot zijn weg naar de frisdrank vond was deze al bekend in Afrika. De kolanoot bevat caffeïne (ook in koffie) en theobromine (ook in cacao). Deze noot werd traditioneel gebruikt als een stimulerend middel door op hem te kauwen. De werkzame stoffen zouden vermoeidheid verminderen, hongergevoel voorkomen, mentale activiteit verhogen en de behoefte aan slaap verminderen. Delen van de plant worden ook gebruikt bij allerlei rituelen, waaronder bruiloften, naamgevingsceremonies voor kinderen, begrafenissen en offerplechtigheden. De bladeren, twijgen, schors, bloemen en noten worden ook in de traditionele geneeskunde gebruikt.
De kolanoot hoort in het rijtje producten waar ook koffie, thee en cacao toe behoren, want de werkzame stoffen horen namelijk tot één chemische familie, de xantines. Ze zijn allemaal stimulerend en hebben wat gezondheidseffecten. Dat deze zucht naar lichamelijke en psychische effecten niet alleen bij mensen hoort toont een onderzoek onder gorilla's aan. Die eten (ook) de colanoten van een zeldzame verwante boomsoort, de Cola lizae, vernoemd naar Liz Williamson, de ontdekster[1].
Overigens zit ook de kolanoot al lang niet meer in Coca-Cola.
[1] Tutin et al: A Case Study of a Plant-Animal Relationship: Cola lizae and Lowland Gorillas in the Lope Reserve, Gabon in Journal of Tropical Ecology – 1991
Geen opmerkingen:
Een reactie posten