Maïs

Enkele decennia geleden zag je vrijwel nooit maïs (Zea mays) op een akker staan, maar tegenwoordig is het een gewas dat veelvuldig wordt aangeplant. Maïs is een graan dat van warmte houdt en daaraan is in ons koele kikkerlandje vaak een chronisch gebrek. Toch wordt tegenwoordig in Nederland jaarlijks meer dan 100,000 hectare snijmaïs geteeld, voornamelijk bestemd als veevoer. En omdat het klimaat hier nauwelijks geschikt is voor maïs worden de zaden niet rijp. Er zijn echter wel vroege tot zeer vroege rassen ontwikkeld, die voor de teelt van korrelmais gebruikt kunnen worden.
Indianen ofwel Native Americans hebben maïs duizenden jaren geleden in Midden-Amerika 'getemd'. Het is lang een raadsel geweest uit welke plant maïs is ontstaan omdat er geen voorvader in het wild groeit. Uiteindelijk is men uitgekomen bij een groepje verwante grassoorten die gezamenlijk de naam teosinte (letterlijk: 'god-maïs' ofwel 'goddelijke maïs') dragen. Zowel DNA-onderzoek als archeologische opgravingen tonen aan dat de oorspronkelijke bewoners al tussen 10,000 en 6,250 jaar geleden met het proces van domesticatie zijn begonnen[1]. Het proces zelf kan wel enkele honderden jaren geduurd hebben voordat een oermaïs ontstond.
[Teosinte, de voorvader van maïs]
Het eerste deel van de wetenschappelijke naam, Zea, is afgeleid van het Griekse woord zeia (ζεία), waarmee vermoedelijk spelt werd aangeduid. Mogelijk staat dat woord weer in verband met zao (ζαω) dat 'leven' heeft betekend. Het tweede deel, mays, is afkomstig van de Spaanse vorm van het woord, maíz, dat op zijn beurt weer is geleend van het uit het Taíno, een inheemse taal, afkomstige woord voor de plant; mahiz.

Intussen behoort maïs wereldwijd tot één van de basisvoedingsmiddelen. Toen maïs voor het eerst in andere culturen dan de Midden-Amerikaanse werd geïntroduceerd, werd het gewas enthousiast onthaald wegens diens grote opbrengst. Het duurde niet al te lang voordat men last kreeg van wat bijverschijnselen als ondervoeding. Dat was een mysterie omdat datzelfde probleem niet werd gezien bij de inheemse bevolking, waar maïs ook al het belangrijkste voedingsmiddel was, Uiteindelijk bleek dat de Meso-Americanen, de voorvaderen van de Indianen, al rond 1200-1500 vC geleerd hadden om de maïskorrels eerst te weken in alkali (loogzout), gemaakt van as en limoensap. Dit proces maakte niacine ofwel vitamine B3 vrij en beter opneembaar. Het gebrek aan niacine was de onderliggende oorzaak voor een stoornis die men nu pellagria noemt. De symptomen hiervan zijn huidaandoeningen, diarree en dementie. Gelukkig komt dit probleem in Nederland niet voor als gevolg van ons gevarieerde aanbod van voedsel.
Voor de mensen, die geloven dat gluten levensgevaarlijke effecten op je lichaam heeft, is maïs een goede vervanger. Het bevat namelijk geen gluten. Wel bevat maïs een zogenaamd lipid transfer protein, een onverteerbaar eiwit dat zelfs koken kan overleven[1]. Dit eiwit is in verband gebracht met een zeldzame allergie als gevolg van het eten van maïs. Je moet dus blijven oppassen met wat je eet.

[1] Piperno et al: Late Pleistocene and Holocene environmental history of the Iguala Valley, Central Balsas Watershed of Mexico in Proceedings of the National Academy of the USA - 2007  
[2] Pastorello et al: Lipid-transfer protein is the major maize allergen maintaining IgE-binding activity after cooking at 100 degrees C, as demonstrated in anaphylactic patients and patients with positive double-blind, placebo-controlled food challenge results in The Journal of Allergy and Clinical Immunology – 2003

Geen opmerkingen:

Een reactie posten